Home  
 
 
Meer en betere jobs voor meer mensen
 
     
validering | Disseminatieprojecten |
 
                 
     
  Validering van ESF- producten/ervaring/instrumenten  
 
 
 
 
Situering?  
     
Definities  
   
Procesverloop van de validering na de experimentele periode ’06-maart ‘07  
   
Validering tijdens de experimentele periode 2006 / voorjaar 2007  
   
Criteria disseminatieprojecten  
   
Aanvraagdocument  
     
   
 
 
 
 
     
 
Situering TOP
 
     
  Het Europees Sociaal Fonds is naast haar financiering ook een inhoudelijke versterking van het Vlaamse Werkgelegenheidsbeleid. Dit betekent dat behalve een correcte financiering ook de meerwaarde of de impact een belangrijk meetgegeven wordt.  
     
  Het belang van kennisdeling en –verspreiding (= disseminatie) en van beleidsinvoering (= mainstreaming) is daarom steeds een onderdeel van een projectrealisatie, inzonderheid voor innovatieve projecten. Op projectoverschrijdend niveau wordt aan disseminatie en mainstreaming voeding geven door diverse themawerkingen, netwerken en platformen aangestuurd door het ESF-Agentschap.
 
     
  Geïnspireerd door ook buitenlandse ervaringen in ESF-context, heeft het Vlaams monitoringcomité van het ESF-programma D3 en Equal zich op 25/09/2006 akkoord verklaard met een valideringsproces, experimenteel uit te proberen in 2006 – 2007, precies om de waarde van de gerealiseerde producten of projectervaringen te toetsen.  
     
 
 
 
     
 
Definities TOP
 
     
  Validering is een gestructureerde manier om een kritische analyse en reflectie over een product of ervaring en de wijze van totstandkoming uit te voeren. De output van dit proces is een gemiddelde scoring met aanduiding van eventuele verbeterpunten.
Het gebeurt door personen extern aan het partnerschap van een project dat het product heeft ontwikkeld of de ervaring opgedaan.
Het is een manier om kennis en ervaringen uit te wisselen.
Het proces wordt opgezet en uitgevoerd ter verbetering van de kwaliteit van het product of ervaring en ter ondersteuning van de disseminatie en mainstreaming ervan.
 
     
  Een product of ervaring is het in een zichtbare output geplaatste resultaat dat is ontwikkeld in het kader van een project.
Dit product of ervaring kan zowel in de loop van het project als op het einde van een project aangeleverd worden.
Het kan bestaan uit een hoofdproduct en nevenproducten die beiden als geheel kunnen worden gevalideerd.
Promomateriaal as such wordt niet aanzien als een product.
 
     
  Om output als product te beschouwen moet deze output een meerwaarde hebben voor het beleid en of de finale en of intermediaire doelgroep. Deze meerwaarde kan bestaan uit het aanbieden van ondersteuning van activiteiten of van een oplossing.  
           
  Een product kan gelieerd worden aan één project of een product kan tot één product gesmeed worden door producten van verschillende projecten samen te voegen.
Het ESF-Agentschap kan in het kader van de themawerking, een Community of Practice, valideringen, … een stimulerende rol spelen om producten samen te voegen, … tot één geheel.
 
     
 
 
 
     
 
Procesverloop van de validering na de experimentele periode ’06-maart ‘07 TOP
 
     
 
Vooraf.

ESF-Agentschapmedewerkers begeleiden promotoren in aanvraagfase, tijdens de uitvoering en aan het einde van een project.
Momenteel is dit
- in aanvraagfase in de vorm van het zogenaamde aftoetsingsgesprek
- in de loop van het project zijn er de tussentijdse rapporteringen, de monitoringbezoeken, themawerking en eventueel kwaliteitsaudit.
- in eindfase in de vorm van het eindrapport.

Voor innovatieve (en transnationale) projecten is er ook een zelfevaluatie instrument

De aandacht voor validering van een product of ervaring wordt permanent in het project ingebouwd:

I. Aanvraag van een project

Welke projecten bevragen?
Projecten die ingediend worden onder de focus van innovatie of die vooropstellen een product te ontwikkelen, beantwoorden in de aanvraag reeds een aantal vragen zodat validering consequent doorheen alle projectfasen wordt meegenomen.

Consequenties:
Dit heeft als consequentie dat in de toekomst een aantal vragen in de internetapplicatie worden opgenomen.

In de inhoudelijke handleiding voor promotoren wordt al melding gemaakt van de criteria die worden gebruikt om tot validering van het product te komen.


II. Begeleiding van promotoren

• Promotoren krijgen de kans om zich te trainen in een vormingsaanbod van Project Cycle
Management met expliciet aandacht voor “validering”

• Een keer een project is opgestart, wordt de promotor verder begeleid via o.m.
monitoringbezoeken. De vragen tijdens zo een monitoringbezoek moeten de promotor
helpen om de nodige aandacht te besteden aan de criteria van de validering.
Naar promotoren toe is het belangrijk een onderscheid te maken tussen een tussentijdse en
een eindrapport.

Hiertoe dient het verslaggevingsdocument – dat als leidraad tijdens het gesprek met de promotor wordt gehanteerd – aangepast. Ook het tijdstip van een monitoringbezoek wordt bepaald in functie van het ontwikkelingsstadium van het te valideren product / ervaring conform de aanvraag of de bijsturingen die er tussentijds gebeuren.

• Themawerking, kennis- en ervaringsuitwisselingsmomenten, kan in de toekomst worden
opgebouwd in functie van validering, nl. uitwerken van een of meerdere concepten /
methodieken zodat de themawerking tegemoet komt in de begeleiding van promotoren naar
een validering van een product of ervaring.

III. Validering

Wanneer?

Validering kan tussentijds (in de looptijd van een project) en/of op het einde van een project / na de effectieve productontwikkeling / projectervaring gebeuren.
Een tussentijdse validering wordt optioneel aangeboden, een eindvalidering wordt een verplicht onderdeel van elk project dat een “nieuw” product / ervaring wil ontwikkelen.

In eerste instantie zal er een validering van de potentie van een product(gamma) gebeuren om te toetsen of de markt nood heeft aan het product. De validering van de potentie van een product of ervaring is in wezen het nagaan of een voorgesteld project nuttig en nodig is.
Dit kan eventueel al gebeuren bij het projectselectieproces.

Na ongeveer 6 maanden projecttijd volgt een monitoringbezoek om te kijken of de adviezen die bij de start gegeven zijn ook effectief opgevolgd worden. Daar waar geen monitoringbezoek is geweest, kan dit worden vastgesteld aan de hand van de eerste tussentijdse rapportage.

Na ongeveer een jaar kan dan een eerste, tussentijdse validering doorgevoerd worden om het product in spé te beoordelen. Dit geeft aan de promotor het voordeel dat het product/instrument nog kan worden aangepast mocht dit nodig blijken. Deze validering zal gebeuren door experten en door peer groups. Indien interessant en haalbaar kan ook de finale doelgroep betrokken worden bij de validering.
Deze validering gebeurt op uitdrukkelijke vraag van de promotor / het partnerschap.

Tot slot kan er op het einde dan een eindvalidering gebeuren van het afgewerkte instrument/product. Deze validering zou idealiter gebeuren door een peer review, experten (met inbegrip van de beleidsactoren) en door de finale doelgroep. Door het betrekken van het beleid kunnen we ook al stimulansen geven aan de mainstreaming.


Criteria?

Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een set van vaste of verplichte criteria (die steeds worden gebruikt) en optionele criteria (criteria die naargelang de oproep al dan niet kunnen worden ingezet of die zelfs door de experten / peers bij het begin naar voor worden geschoven). De criteria krijgen per groep en individueel een weging, die per oproep kan worden gewijzigd, afhankelijk van het beoogde doel.

De onderlinge weging tussen de groep verplichte (A) en de groep optionele (B) criteria gebeurt in de volgende verhouding:
A + B = 100 waarbij A = 66,66 en B = 33,33
We spreken van een positieve validering bij een gemiddelde score van minimum 70%.

Volgende criteria worden naar voor geschoven en kunnen worden in de experimentele periode bijgestuurd.

Vaste set van criteria:
• Aangepast aan de noden van de doelgroep (weging 3)
In termen van cultuur, sociaal en beroepsopleiding van de doelgroep en de gebruikers, in hoever is het product aangepast aan de noden?
• Toegevoegde waarde (weging 3)
Voordelen en nut, ondervonden door de doelgroep en de intermediaire gebruikers (trainers/begeleiders), aantoonbaar in termen van competentie- of kwalificatie-erkenning, werkorganisatie, arbeidstevredenheid, sociale waarde en/of persoonlijke ontwikkeling.
• Toegankelijkheid (weging 2)
Mate waarin de doelgroep de distributiekanalen kent en zelfstandig kan gebruiken of vertrouwd is met de gebruikswijze van het product.
De mate waarin het product gebruiksvriendelijk is en efficiënt en snel en gemakkelijk te gebruiken is.
• Disseminatie (weging 2)
De intensiteit en de zichtbaarheid waarmee het product / instrument succesvol wordt verspreid in de eigen organisatie en daarbuiten.
• Gendermainstreaming (weging 1)
In hoeverre is bij de ontwikkeling rekening gehouden met het genderaspect? De mate waarin het product bruikbaar is voor zowel mannen als vrouwen.
• Innovatief karakter (weging 3)
Bedoeld wordt de mate waarin nieuwe of vernieuwende elementen in het product aanwezig zijn, de mate waarin het verschilt met andere gebruikte producten.

Indicatieve optionele set van criteria:
• Empowerment (weging 1)
In hoever is de finale (en soms ook intermediaire) doelgroep betrokken bij de ontwikkeling van het eindproduct en hoe zal het product bijdragen tot de integratie en/of versterking van de doelgroep.
• Maatschappelijk verantwoord ondernemen (weging 1)
In welke mate draagt het product bij tot een van de drie pijlers: mens, milieu en maatschappij.
• Overdraagbaarheid (weging 2)
De mate waarin het product kan toegepast worden in verschillende contexten en bij verschillende doelgroepen. Mate waarin het product kan veralgemeend worden en overgedragen naar andere sectoren en doelgroepen.

Hoe?

De volgende procedure geldt als basis voor het valideringsproces:
- alle criteria en hun weging worden op voorhand éénduidig bepaald
- de promotor of het partnerschap geeft een voorstelling met toelichting over de te valideren producten en nevenproducten
- experten en peers, desgevallend aangevuld met vertegenwoordigers van de finale doelgroep evalueren het product / instrument en de nevenproducten aan de hand van de verschillende criteria
- in een gezamenlijk verslag wordt elk criterium gemotiveerd gescoord en worden de eventuele aanbevelingen weergegeven.

 
     
 
 
 
     
 
Validering tijdens de experimentele periode 2006 / voorjaar 2007 TOP
 
     
 
In de loop van 2006 / voorjaar 2007 worden valideringsexperimenten uitgevoerd.

1 Promotoren / partnerschappen kunnen zelf het initiatief nemen naar de regisseur van
hun zwaartepunt om met hun product / instrument een validering te doorlopen.

2 Het ESF-Agentschap kan zelf ook initiatief nemen in een themawerking of met een
promotor / partnerschap dat ervoor kiest.

3 In oproeprondes waarin de validering werd ingeschreven, wordt dit proces
systematisch doorgevoerd.

In het voorjaar 2007 worden alle ervaringen gebundeld en de waarde van validering op een rij gezet en besproken op het VMC.

Gevolg van de validering?

• De waarde van de validering zal dus moeten blijken.
Vandaag wordt alvast beoogd:
- tussentijds een kwaliteitsversterking van het te ontwikkelen product / het lopende
project.
- aanvulling of versterking van mainstreaming- en disseminatiestrategie
- een uitspraak over de kwaliteit en bruikbaarheid van het product voor en of het beleid
(op welk niveau dan ook) dan wel voor het veld.
- gevolgen voor de disseminatie:

• Mogelijk kunnen qua disseminatie twee pistes worden aangeboden aan de
promotor:
a) na een positieve validering krijgt de promotor een budget om te dissemineren (met eventueel nog enige ruimte voor ontwikkeling).
b) na dergelijke disseminatieperiode cfr. a) kan de promotor een nieuw ESF project indienen om 1 jaar proef te draaien met het instrument met een engagement tot disseminatie.

• Een volgende stap in de waardering kan erin bestaan om enkel producten / instrument met
een validering toegang te geven tot de wedstrijd van de ESF-ambassadeurs.

• Het ESF-Agentschap kan het engagement aangaan om de producten die gevalideerd zijn,
verder te helpen dissemineren.

Deze mogelijke opties worden bij de evaluatie van de experimentele periode onder de loep genomen.

 
     
 
 
 
     
 
Criteria disseminatieprojecten TOP
 
     
 
Criteria disseminatieprojecten
 
     
 
 
 
     
 
Aanvraagdocument TOP
 
     
 
  wordt eerstdaags on line geplaatst
 
     
 
 
 
     
 
     
 
 
  bezoek de site van Europa bezoek de site van Vlaanderen © Europees Sociaal Fonds Vlaanderen 2000-2006 All rights reserved